"Het is een mopje ondertussen: wij militairen zijn 'de interim' van België"

Koppen, woensdag 1 juni, om 21.25 uur op Eén

Dinsdag 31 mei 2016 — 1 op de 7 kleine kinderen heeft overgewicht. Per dag zitten ze bijna zes en een half uur stil, dat is de helft van de tijd die ze wakker doorbrengen. Basisschool Kompas in Geel laat sinds kort de kinderen elke dag 1,6 kilometer lopen, en dat resulteert in heel wat positieve effecten. Koppen deed de test op de Taborschool in Sint-Maria-Aalter. 

Koppen trekt woensdag ook exclusief mee in het spoor van onze militairen. Ondertussen zijn ze een vertrouwd beeld geworden in onder meer de metro van Brussel, maar ze worden ook als vervangers voor de stakende cipiers ingezet. En dat begint te wegen. "Dat is een mopje dat we tegenwoordig maken, dat we de interim van België zijn."

En Koppen brengt het verhaal van Mohammed uit Syrië, een jonge vluchteling van 24 jaar die hier in België een nieuw leven probeert op te bouwen. En dat is allesbehalve eenvoudig, ondervindt ook de 18-jarige Hussain die twee jaar geleden uit Afghanistan naar ons land vluchtte. Hussain is verscheurd tussen een veilig leven hier en de angst voor het lot van zijn moeder thuis in Afghanistan. “Wanneer de oorlog voorbij is, wil ik meteen terug naar mijn land.”

Koppen, op woensdag 1 juni om 21.25 uur op Eén

ZE ZITTEN ZO STIL

1 op de 7 kleine kinderen heeft overgewicht. Per dag zitten ze bijna zes en een half uur stil, dat is de helft van de tijd die ze wakker doorbrengen. Oudere kinderen zitten dik twee uur langer stil.

“Je moet geen wetenschapper zijn om te beseffen dat dit een grote weerklank heeft op geest en lichaam van de kinderen,” zegt LO-leerkracht Patrick Verbraecken van basisschool Kompas in Geel.

Op zijn initiatief lopen de leerlingen dagelijks 1,6 kilometer. Het is niet meer dan een kwartiertje per dag, maar de impact is enorm: de kinderen voelen zich goed, letten beter op en vooral de jongens en meisjes met overgewicht zijn na amper zes maanden afgevallen.

De school is de uitgelezen plek om zoveel mogelijk kinderen aan het bewegen te krijgen, maar het wordt moeilijk als je amper ruimte hebt. En dat is in veel scholen het geval. Nochtans bestaan er eenvoudige maatregelen, zoals de speeltijd ontdubbelen. Koppen deed de test op de Taborschool in Sint-Maria-Aalter. 

Reportage: Gijs Debraekeleer, Andries Fluit en Gonda De Beule

OPERATIE VIGILANT GUARD

Ze zouden er maar een maand staan, intussen staan ze er al anderhalf jaar. De militairen zijn een vertrouwd beeld geworden in de straten van onze steden.

"Het wordt eentonig om het zo te zeggen. Het is niet echt waarom ik in het leger ben gegaan. Toch zeker niet bij de paracommando’s. Maar het moet, dus dan doen we dat maar."

Yuri is 26 en eerste soldaat van het 3e bataljon parachutisten uit Tielen. Een paracommando dus, met missies in Afghanistan, Congo en Kosovo op zijn actief. Nu patrouilleert hij in de Brusselse metro. Maar onze militairen worden intussen ook ingezet om stakende cipiers te vervangen. "Dat is een mopje dat we tegenwoordig maken, dat we de interim van België zijn."

De lange operatie in eigen land begint ook te wegen op het familiaal leven van de militairen. Ze verblijven twee à drie weken in Brussel en mogen dan enkele dagen naar huis. En dat al meer dan een jaar lang. “Er is heel weinig tijd die we effectief kunnen doorbrengen met onze familie.” Koppen trok exclusief mee in het spoor van onze militairen.

Reportage: Tomas Teetaert en Gonda De Beule

DE ZOEKTOCHT IN HET NIEUWE LAND

“Ik ben naar Brugge geweest, naar Gent, naar Brussel,… alles met de fiets. Mijn fiets is mijn beste vriend hier.”  Hij is 24, twee jaar is hij al in België. Hij komt uit Aleppo in Syrië. Hij noemt zichzelf Adam. “Als je zegt: “Ik ben Mohammed, ik ben moslim en ik kom uit Syrië,” dat schrikt mensen vaak af.”

Adam is erkend als vluchteling en heeft een dak boven het hoofd. Hij noemt zichzelf een gelukkige vluchteling, want zovele anderen in zijn thuisland “wachten op de dood”. Maar het alleen zijn weegt. De oorlogsbeelden uit Syrië blijven hem achtervolgen.

Hussain was 16 toen hij vluchtte van Afghanistan naar België. Bij het gezin van Caroline en Jan in Sint-Truiden vond Hussain een tweede thuis. Maar Caroline beseft dat ze zijn mama nooit kan vervangen. “Dat was emotioneel niet mogelijk. Zijn mama blijft heilig voor hem.”

Ondertussen is Hussain net 18. Hij moet nu op eigen benen staan. Hij is immens dankbaar voor alle hulp die hij hier krijgt. Maar écht gelukkig zijn, zit er voor hem voorlopig niet in. De moord op zijn vader en de verdwijning van zijn broers wegen. Hussain is verscheurd tussen een veilig leven hier en de angst voor het lot van zijn moeder thuis in Afghanistan. “Wanneer de oorlog voorbij is, wil ik meteen terug naar mijn land.”

Reportage: Inge Vrancken en Machteld Libert

Koppen, op woensdag 1 juni om 21.25 uur op Eén

Ze zitten zo stil- Koppen (c) VRT
Operatie vigilant guard- Koppen (c) VRT
De zoektocht in het nieuwe land- Koppen (c) VRT

Published with Prezly